Oogmeting


PD=Pupil Distantie, de afstand tussen de pupillen gemeten in millimeters.
Afstand voor elk oog apart vermeld.
Afstand voor veraf en dichtbij apart vermeld
H=Pupilhoogte t.o.v. onderkant glas
PD(R/L) of PD(od/os)
PD(v/n)
PD H(od/os)

SH Segment Hoogte, de hoogte waar de overgang moet komen tussen verte- en nabijsterkte

Pr./basis Gegevens voor prismatische correcties.

V, vis. visus Visus, een aanduiding voor de zichtscherpte van het oog. Hoger is beter.

inhoud winkelmandje

Bijziendheid
Bij bijziendheid is het beeld dichtbij scherp, maar wazig op afstand. De lichtstralen vormen niet op maar voor het netvlies een brandpunt. Dit komt doordat het hoornvlies het licht te sterk breekt (bijvoorbeeld bij een te bol hoornvlies) of omdat het oog langer is dan normaal. Er is een negatief (of 'min') brillenglas nodig om de refractieafwijking te corrigeren.

Verziendheid
Wanneer het beeld op afstand scherp is, maar dichtbij wazig dan is er sprake van verziendheid. De lichtstralen vormen niet op maar achter het netvlies een brandpunt. Dit komt omdat het hoornvlies het licht te zwak breekt (te vlak hoornvlies) of omdat het oog korter is dan normaal. Er is een positief (of 'plus') brillenglas nodig om de refractieafwijking te corrigeren.


Presbyopie (leesbril)
Na het veertigste levensjaar neemt bij iedereen (ook bij mensen zonder bril)het vermogen om de lens goed aan te spannen af (accommodatie). Accommodatie is voor verziendheid nodig om in de verte scherp te kunnen zien. Door het afnemende accommodatievermogen wordt eerst het zicht dichtbij en later ook het zicht in de verte onscherp en is een (lees-) bril noodzakelijk.

Het oog is te verdelen in 2 hoofdrichtingen wat betreft de sterkte. Wanneer deze 2 hoofdrichtingen gelijk zijn in sterkte heeft men te maken met een sferisch oog. Is dit echter niet het geval, zoals in dit voorbeeld, dan bestaat deze uit 2 verschillende hoofdrichtingen. In dit geval -3.25 en -3.75 (cilinder + sferisch gedeelte bij elkaar opgeteld). In de richting van 65 graden heeft dit oog -3.25 Dpt. nodig. In de richting 90 graden erop, dus 155 graden, heeft dit oog een correctie van -3.75 Dpt. nodig. Voor het lezen is een toeslag (additie) nodig van 2.00 Dpt. Deze is altijd rechts en links gelijk, want het is een toevoeging over de vertesterkte heen. Men brengt dus eerst het ogenpaar op afstand in balans en vervolgens krijgt men een additie voor het lezen. Deze additie is afhankelijk van onder andere leeftijd, gebruik van bepaalde leesafstand en armlengte voor comfortabel lezen.

inhoud winkelmandje